De flamencodans
De flamencodans lijkt op een matige fysieke training. De voordelen voor zowel lichamelijke als emotionele gezondheid zijn bewezen, waaruit de zogenaamde “flamencotherapie” is ontstaan.
Het stampen met de voeten en de vurige hartstocht zijn de kenmerken van de flamencodans. Deze dans vormt het derde element van de flamencokunst en heeft een historische achtergrond die samenhangt met de ontwikkeling van de Spaanse cultuur.
Oorsprong en evolutie van de flamencodans
De oorsprong ligt bij de gemarginaliseerde bevolkingsgroepen in het zuiden van Spanje. Zowel de dans als de muziek werden in de oudheid beïnvloed door Grieken en Romeinen. Later kwam daar de invloed van de Arabische, Joodse en zelfs Indiase cultuur bij. Met de komst van moslims en Joden op het Iberisch schiereiland nam de al bloeiende muziek en dans die in Andalusië ontstond, elementen over van deze culturen.
De flamencodans en -muziek van vandaag zijn dus het resultaat van eeuwenlange invloed en eenwording van multiculturele elementen.
Met de sterke ontwikkeling van de flamencomuziek kwam ook de snelle evolutie van de dans, die voor het eerst op een gestructureerde en herkenbare manier verscheen in de 18e eeuw.
De gepassioneerde bailaores maakten indruk op het publiek in de muziekcafés van die tijd – de zogenoemde cafés cantantes. Al snel begonnen zij de zangers de show te stelen. Na eeuwen van culturele vermenging heeft de kunst die in grotten ontstond als uitdrukkingsvorm van de Roma‑cultuur en andere onderdrukte bevolkingsgroepen, zich opmerkelijk ontwikkeld. Het resultaat is een fusie tussen cante en flamencodans die de hele wereld heeft verleid.
Afhankelijk van het emotionele karakter, de melodische frasen en de tradities achter elk cante, manifesteert de dans zich in meer dan vijftig verschillende palos. Zowel de flamencodans als de flamencozang bevatten een sterke persoonlijke improvisatie. De dans krijgt vorm via spontane uitingen van de emoties van de bailaor in elk moment.
Hoe flamencodansers optreden
Gewoonlijk blijft de bailaor/a of danser(es) tijdens de eerste momenten van de melodie onbeweeglijk. Hij of zij neemt het ritme van de gitaar, het geklap en het cante in zich op, tot het inspirerende moment komt. Dan barst hij of zij los in een gepassioneerde flamencodans, in overeenstemming met het lied. We kunnen tijdens het optreden zelfs gezichtsuitdrukkingen van de bailaor/a zelf waarnemen.
De rol van de bailaor is in wezen om met de dans de tekst van het lied te vertolken. Hij of zij maakt zachte en elegante armbewegingen, die contrasteren met krachtige voetstappen waarbij de voeten hard op de vloer slaan. Duetten, meestal uitgevoerd door een man en een vrouw, zijn doorgaans intensere dansen. In dat geval blijven de bailaores elkaar voortdurend strak en fel aankijken. Het resultaat is een ware wedstrijd van passie tussen de twee.
