Rumba catalana
De Catalaanse rumba is een genre dat zich vanaf halverwege de jaren vijftig ontwikkelde binnen de Catalaanse Roma‑gemeenschap van Barcelona. Het belangrijkste kenmerk is dat de ritmes van de rumba flamenca worden gebruikt, met invloeden uit rock‑’n‑roll en Cubaanse muziek.
Het genre ontstond specifiek in de Catalaanse gemeenschappen in de wijk Gràcia, in Hostafrancs en in de Carrer de la Cera in El Raval. Dit genre is gebaseerd op de fusie van lichte Catalaans‑Andalusische cantes met basale Afro‑Cubaanse claves, heeft een 4/4‑maat en maakt gebruik van patronen uit de guaracha en de son.
De Catalaanse rumba wordt begeleid door zang en palmas met gitaar, güiro en bongo’s; later kwamen daar conga’s, timbales, klein percussiewerk, blazers, piano, elektrische bas en elektrische keyboards bij. Tegenwoordig verwerkt artiest Oscar Casañas in de Catalaanse rumba ook hiphop en tropische elektronische sounds.
De drie artiesten die de Catalaanse rumba in Barcelona hebben vormgegeven zijn: Peret, Antonio González “El Pescaílla” en Josep María Valentí “El Chacho”. Daarna volgden groepen als Las Grecas en Los Amaya, en het trio Rumba Tres.
Gato Pérez herontdekte de Catalaanse rumba in de jaren zeventig. Hij luidde een nieuw tijdperk in voor dit genre en schreef geschiedenis met muzikale creaties waarin hij de Catalaanse rumba dichter bij de jazz en de salsa bracht.
In de jaren tachtig en negentig mixten Los Chichos en Los Chunguitos de rumba met marginale en suburbane stijlen en met flamenco. Andere artiesten die deze stijl als referentie namen waren onder meer Lolita Flores, Manzanita, Azúcar Moreno, Rosario Flores en Ketama. Daarnaast vernieuwden Los Manolos en de Gipsy Kings de Catalaanse rumba door haar een frisse wind te geven, zij het zonder echte vernieuwing te brengen.
Eind jaren negentig slaat de Catalaanse rumba opnieuw een andere richting in en neemt zij uiteenlopende muzikale invloeden op. Sommige groepen behouden de traditionele, door flamenco beïnvloede essentie, zoals Sabor de Gracia of Ai, ai, ai; terwijl andere formaties, zoals La Cabra Mecánica, Estopa, Melendi of Ojos de Brujo, de rumba vermengen met andere stijlen zoals swing, ska of reggae, en daar nog andere Latijns‑Amerikaanse ritmes als de cumbia aan toevoegen, wat leidt tot wat tegenwoordig bekendstaat als de rumba fusión.
Deze verandering is te danken aan de eclectische stempel van de Frans‑Spaanse artiest Manu Chao en zijn groep Mano Negra binnen de Barcelonese en Spaanse cultuur. Dit subgenre wordt vaak beïnvloed door de Nuevo Flamenco (Kiko Veneno, Mártires del Compás, Pata Negra). Binnen deze stroming vallen Catalaanse groepen op als Muchachito Bombo Infierno, La Pegatina, Txarango, Bongo Botrako, La Troba Kung‑Fú, La Familia Rústika, Bonobos Música en La Banda del Panda.
Er zijn ook Madrileense groepen die actief zijn binnen deze rumbascene: Alpargata, Canteca de Macao en Antonio "el Turuta". Ook andere, recentere artiesten lieten zich beïnvloeden door de rumba, zij het in een meer popgerichte vorm, zoals Oscar Casañas of "El Chinchilla".